Neologisme nr. 967: klimaatgroen
Bron: taalbank, weblog over taalverandering, Woord van de dag, 15 juli 2011
Citaat: "Klimaatgroen staat vandaag voor
het eerst in een landelijke Nederlandstalige krant. Toch is het al de derde keer
dat het woord in de media figureert. Twee keer eerder (26-6-2009 resp. 7-5-2010)
stond het woord klimaatgroen namelijk in een regionale krant (Het
Limburgs Dagblad resp. De krant van West-Vlaanderen). Ook op
internet wordt het woord al enige tijd (sporadisch) aangetroffen.
Klimaatgroen is blijkbaar een verzamelnaam voor alle groene planten en
(loof)bomen die dienen om de klimaatverandering als gevolg van CO2-uitstoot
tegen te gaan. Als verzamelnaam is klimaatgroen vergelijkbaar met
woorden als lentegroen (de jonge blaadjes aan bomen en struiken in de
lente), stadsgroen oftewel openbaar groen (groenvoorzieningen
in een stad) en natuurlijk schaamgroen (beplanting aangebracht om
ontsierende bouwsels aan het oog te onttrekken).
Overigens is klimaatgroen niet alleen een zelfstandig naamwoord.
Sporadisch wordt ook het bijvoeglijk naamwoord klimaatgroen
aangetroffen. Zo typeerde een criticus in 2010 leden van de politieke partij D66
als 'klimaatgroene fatsoensrakkers'."
Ingevoerd door: JC op 19 juli 2011